Al een paar weken lag ze - in het begin samen met een soortgenoot - op het strandje van de Katwijkse Uitwatering. De zeehond Tanja trok daar enorm veel belangstelling. Dagelijks kwamen honderden nieuwsgierigen een kijkje nemen. Sommige mensen benaderden de zeehond tot op een meter afstand. Uit de vele foto’s die de crèche ontving en waarop het merkje in de achtervinpoot duidelijk te zien was, konden we afleiden dat de zeehond afkomstig was uit een collega-opvangcentrum in Duitsland. Maar al die belangstelling was beslist niet goed voor de zeehond. Bovendien groeide het risico van een bijt-incident.


Onze EHBZ (Eerste Hulp Bij Zeehonden)-vrijwilliger, de Katwijker Leen van Duijn, is daar heel duidelijk over: “Een zeehond die zich bedreigd voelt, kan uit zelfverdediging gaan bijten, met alle gevolgen van dien.” Voor de Paasdagen plaatste van Duijn een waarschuwingsbord met daarop het verzoek om ruim afstand te houden van de zeehond. Helaas namen maar weinig mensen gehoor aan dit verzoek. Na overleg met Lenie ´t Hart van de zeehondencrèche in Pieterburen, is daarom besloten om de zeehond te vangen.

Deze mogelijkheid deed zich op de vroege ochtend van 7 april voor. Gewapend met een speciaal vangnet tijgerde Leen van Duijn over het strand, terwijl fotograaf Arie van Dijk de zeehond vanaf de andere zijde afleidde. Van Duijn slaagde er in één keer in om de zeehond te vangen en in een speciale rieten reismand te plaatsen.

Intussen had Lenie ´t Hart vanuit Pieterburen al het transport geregeld voor het traject Harlingen naar Terschelling. EHBZ-vrijwilliger Hessel Wiegman van Terschelling voer met de snelle boot de “Tempest” van Rederij Noordgat naar Harlingen.

Omstreeks 11.00 uur stond de mand met de zeehond op de Tempest en werd de oversteek naar Terschelling gemaakt. Daar ging het transport verder met Hessel’s 4x4 voertuig. Op de Noordvaarder, de plek waar altijd de zeehonden op Terschelling worden vrijgelaten, eindigde de lange reis voor de zeehond. Toen de mand werd geopend keek het dier eerst even verkennend om zich heen, maar al heel snel had ze door waar ze heen moest.

Ze kroop uit de mand en hobbelde in een snel tempo naar de Waddenzee, waar een paar van haar soortgenoten al op haar leken te wachten. Ze keek nog even om naar haar redders en verdween toen met nog zes andere zeehonden uit het zicht.


07-04-2010 Bron: Zeehondencrèche Lenie 't Hart


