
Het onstuimige weer, met zware buien en onweer, plus grote verschillen in waterstanden hebben er voor gezorgd dat er de afgelopen weken heel veel huilers zijn gevonden langs de Nederlandse kusten. Verstoring, paniek en sterke stromingen zijn de oorzaak dat moeder en kind elkaar kunnen kwijtraken. Moederzeehonden zorgen heel goed voor hun jong; ze zwemmen er altijd achteraan en soms blijven ze dagenlang zoeken wanneer ze het zijn kwijtgeraakt. Het trieste is dat de melkproductie bij de moeder stopt wanneer ze haar jong gedurende 24 tot 48 uur niet gezoogd heeft. Zelfs in het zeldzame geval dat ze elkaar daarna terugvinden kan de moeder dan toch niets voor haar jong doen. Op dit moment zijn er al 66 moederloze baby’s in de crèche. Ter vergelijking: vorig jaar werden in dezelfde periode 28 huilers gevonden, 29 in 2005 en 36 in 2004. Gelukkig hebben deze jonge zeehondjes een maximale kans om te overleven: het zijn de vechtertjes die net zo lang hebben geknokt tot ze ergens langs de kust aanspoelden en werden gevonden. Dat gebeurde op een aantal waddeneilanden (o.a. Terschelling en Ameland), maar ook op de Friese kust (o.a. bij Sexbierum) en in Groningen (o.a. bij de Eemscentrale, de haven van Delfzijl en in de Dollard).
Voor mensen die een zeehondje willen adopteren is daarvoor nu weer een mogelijkheid. Meer informatie hierover vindt u op “adoptiemogelijkheden”.





