Waar we de laatste weken allemaal bang voor waren, is nu waarheid geworden. Op Vlieland is de eerste zeehond gevonden met het phocine distemper virus, het zeehondenziektevirus. Op 16 juni werd de zeehond gevonden door onze EHBZ-medewerker Willem Stel en daarna is het dier overgebracht naar de Zeehondencrèche Pieterburen, waar hij – zoals alle nieuwkomers – onmiddellijk in quarantaine ging. Hij was heel benauwd en had kennelijk longproblemen. Vrij snel na aankomst is het dier doodgegaan. De dierenarts van de crèche Trine Hammer Jensen en onze patholoog Thijs Kuiken hebben nog diezelfde dag een sectie verricht. Onze wetenschappelijke medewerkers Marco van der Bildt en Byron Martina hebben samen met viroloog prof. Ab Osterhaus bloedmonsters onderzocht en vandaag, 18 juni, is door virologisch onderzoek vastgesteld dat het inderdaad gaat om het zeehondenziektevirus. Datzelfde virus heeft inmiddels al vele honderden zeehonden in Denemarken en Zweden gedood en veroorzaakte in 1988 grote sterfte onder de zeehonden in West-Europa.
De verspreiding van het virus is op geen enkele manier te stoppen. Dat betekent dat de kans bestaat dat honderden, misschien zelfs wel duizenden prachtige dieren zullen sterven. Het virus maakt – net als in 1988 - geen onderscheid tussen sterke en zwakke dieren. Mogelijk is mede genetisch bepaald of een dier besmet raakt of niet. Of het feit dat het immuunsysteem van de zeehond verzwakt is ook een rol speelt bij de besmetting valt niet te zeggen. Die verzwakking van het natuurlijke afweersysteem van de zeehond is een direct gevolg van de vervuiling: de Waddenzee is nog steeds vervuild. Gegevens over dit wetenschappelijk onderzoek van de crèchemedewerkers Peter Ross en Rick de Swart vindt u elders op onze website.
Tijdens de epidemie van 1988 hebben wetenschappers van de Zeehondencrèche onder leiding van prof. Ab Osterhaus het virus ontdekt en er een vaccin tegen gemaakt. Dankzij onze kennis over het virus kon vorige maand vrij snel met zekerheid de oorzaak van de zeehondensterfte rond het Deense eiland Anholt worden vastgesteld.
Ons EHBZ (Eerste Hulp Bij Zeehonden)-team zal de komende tijd heel veel werk krijgen. EHBZ-medewerkers hebben in Pieterburen een training gehad in het hanteren van dode en levende zeehonden en zijn op de hoogte van alle noodzakelijke beschermende maatregelen. Bovendien weten ze hoe ze een levende zeehond aan moeten pakken. Want zelfs zieke zeehonden kunnen flink van zich afbijten en veel beten veroorzaken akelige infecties.
We kunnen alleen maar hopen dat het aantal slachtoffers zal meevallen en dat er ook dieren worden gevonden die kunnen overleven. Het feit dat sinds 1988 standaard alle zeehonden die in Pieterburen zijn opgevangen tegen dit virus worden gevaccineerd, zou misschien kunnen helpen. Maar niemand weet hoe lang de dieren met dit vaccin beschermd zijn; het is in eerste instantie bedoeld om de zeehonden te beschermen tijdens de periode van opvang.
De inmiddels twintig huilers die in Pieterburen worden opgevangen hebben een goede kans om deze ramp te overleven. En natuurlijk is Pieterburen altijd klaar om zeehonden - ongeacht hun aantal - op te vangen. Maar je moet er niet aan denken, dat er zoveel prachtige zeehonden dood zullen gaan.
20-06-2002 Bron: Zeehondencrèche Pieterburen

