Op 3 december kwam de eerste melding bij de Zeehondencrèche binnen: vijf potvissen met een lengte van naar schatting 10 meter zwommen langs de Zeeuwse kust in noord-oostelijke richting. Sindsdien zijn er verschillende meldingen binnengekomen. Kobus van visserschip UK 53 meldde woensdag 6 december omstreeks elf uur een (vermoedelijke) potvis op positie 54-48-003 nbr en 006-22-450 ol. Dit is een positie ruim 60 mijl boven Schiermonnikoog. Een vliegtuig van de kustwacht meldde op woensdagavond potvissen voor de monding van de Theems. Het is niet bekend of het in alle gevallen om dezelfde potvissen gaat.
Het komt vaker voor dat potvis-mannetjes op hun trek naar de Azoren boven Schotland een verkeerde afslag nemen en zo in de ondiepe fuik van de Noordzee terecht komen. Door de vlakke kust wordt hun sonar niet teruggekaatst, zodat de dieren gedesoriënteerd raken en tenslotte vaak op het strand terecht komen. In de afgelopen jaren waren er diverse potvis-strandingen op de Nederlandse kust. De laatste was in 1997 op Ameland, waar vier dieren de dood vonden. Langs de hele Noordzeekust zijn er in 1994 zeven strandingen gemeld, in 1995 drie, in 1996 vijfentwintig, in 1997 vierentwintig, in 1998 drie, geen enkele in 1999 en (tot nu toe) één in 2000.
De Zeehondencrèche probeert via haar netwerk voortdurend te traceren waar de dieren zijn, om ze zo mogelijk van de kust te verjagen, maar ook om meer inzicht te verkrijgen in hun gedrag wanneer ze in de Noordzee zijn terechtgekomen. Een stranding voorkomen is de beste oplossing. Eenmaal gestrande potvissen zijn vrijwel niet meer te redden. Hun gewicht maakt het onmogelijk om ze naar zee te duwen of te slepen, terwijl hun bloedsomloop door datzelfde gewicht wordt afgekneld, waardoor de dieren een langzame, stressvolle dood sterven.
Via haar contacten met Nieuw Zeeland probeert de crèche uit te zoeken of daar bij kleine walvisachtigen gebruikte reddingstechnieken ook op potvissen kunnen worden toegepast, maar het enorme gewicht van de dieren maakt dergelijke acties heel moeilijk. Potvissen zijn slechts te redden wanneer ze (nog) niet te hoog op het strand liggen. Opblaasbare "matrassen" zoals in Nieuw Zeeland en in Engeland worden gebruikt zijn nog niet beschikbaar in Nederland.
Foto's: Dries van Weenen.
Waarneming op 3 december, 17.30
05-12-2000Bron: Zeehondencrèche Pieterburen

