Ze werd gevonden midden op een zandplaat in het Sparregat, vierhonderd meter van het zeewater. Ruim zes-en-een-halve kilo, eenzaam rondkruipend. Waarschijnlijk nog geen dag oud. Een veel te vroeg geboren jong van de gewone of Waddenzeehond. De bemanning van de Harder, een patrouilleboot van het Ministerie van Landbouw nam haar van de vinders over om haar naar de haven te brengen, waar ze werd opgehaald door medewerkers van de Zeehondencrèche. Daar was iedereen verbaasd dat er nu al een huiler was gevonden: normaal gesproken worden in de Waddenzee de jongen van de gewone zeehond in juni/juli geboren.

Dat het dier een prematuur (te vroeg geboren jong) is, is duidelijk te zien aan haar prachtige witte babyvacht. Gewoonlijk verhaart een jong van de gewone zeehond al voor de geboorte.
Met rust, gezonde voeding en warmte heeft deze kleine zeehond een maximale kans om over een paar maanden als gezonde, sterke jonge zeehond te worden uitgezet. De eerste weken blijft ze echter nog in quarantaine, net als alle andere zeehonden die in de crèche komen.
27-04-2000Bron: Zeehondencrèche Pieterburen

